AutoCAD Architectural Desktop
De afgelopen 15 jaar heeft AutoCAD in toenemende mate AEC-professionelen bijgestaan in het steeds efficiënter produceren van al hun noodzakelijke tekeningen. Met Architectural Desktop bovenop AutoCAD 2000 brengt Autodesk de automatisering in de architectuur- en bouwsector ineens een sprong hogerop. ADT (of AutoCAD Architectural Desktop) is gericht op de specifieke functies die ontwerpers in de bouwsector nodig hebben, vanaf het conceptueel model overheen een intelligent gebouwenmodel tot de definitieve werktekeningen. ADT is duidelijk bedoeld om wereldwijd een intelligent platform te worden voor alle bouwtoepassingen, en maar voorziet niet automatisch in alle lokale bouwtradities en voorschriften. Een belangrijke rol is dan ook weggelegd voor lokale ontwikkelaars zoals CAAA vzw om dit basisplatform in te richten naar onze behoeften hier in Vlaanderen.
De AutoCAD voor Architecten
Ondertussen is AutoCAD reeds zes maanden in de versie 2000 beschikbaar, wat een belangrijke basis vormt voor deze nieuwe Architectural Desktop. Alle nieuwe mogelijkheden van AutoCAD 2000, zoals het Multi Document Environment, het DesignCenter en de nieuwe presentatie- of plotvoorbereidingstechnieken zijn eigenlijk essentiëel voor de intuïtieve besturing van ADT. Vooral de Objecttechnologie van AutoCAD 2000 (Object ARX) zorgt ervoor dat intelligente AEC-objecten kunnen gebouwd worden, met eigenschappen die bepalen hoe ze zich gedragen t.o.v. andere intelligente objecten, én hoe ze zich aan de gebruiker vertonen.
Al een jaar geleden was Architectural Desktop in een eerste versie bovenop AutoCAD r14 in Amerika uitgebracht, en met deze ADT 2 op basis van AutoCAD 2000 biedt Autodesk een stevige basis om de wereldwijde AutoCAD-standaard in de AEC-sector een niveau hoger te tillen. Naast alle krachtige mogelijkheden van AutoCAD 2000 komen specifieke Architectuurfuncties beschikbaar die een goede basis vormen om een gestandaardiseerd gebouwenmodel op te maken, geschikt voor een vlotte gegevensuitwisseling in alle sectoren van de bouw.
Het volledig Ontwerpproces
De gebruikersinterface of menustructuur van ADT is uitgewerkt rond de drie hoofdfasen in de ontwikkeling van een bouwproject. AutoCAD was tot nu toe, net zoals de meeste CAD-software, vooral geoptimaliseerd voor alle tekenwerk en minder voor het conceptueel design. De nieuwe technieken van ADT zullen vanaf nu heel wat ontwerpers assisteren bij het volumeontwerp van nieuwe projecten. De intelligente bouwobjecten zorgen ervoor dat de gebruiker het project kan uitwerken in 2D én 3D tegelijk. Uit dat intelligent gebouwmodel kunnen dan de noodzakelijke 2D tekeningen voor de diverse bouwfases afgeleid worden.
Fase 1: Conceptueel Ontwerp
De 3D Solid Modelling-techniek die steeds meer C3A-Userclubleden al gebruiken via standaard AutoCAD-technieken wordt nu sterk ondersteund door de nieuwe Model Explorer. In deze conceptfase waarin met alle vrije vormen geëxperimenteerd kan worden, hoeft de ontwerper zich nog niet bezig te houden met details als muursamenstellingen en raam- en deurdetailleringen.
Met de Model Explorer kunnen ontwerpers volumestudies in meerdere varianten opmaken, waarbij meer basisvormen dan standaard beschikbaar zoals blokken, cylinders, bollen, piramides en dergelijke vrij kunnen samengesteld worden. Deze 3D vormen zijn veel dynamischer aanpasbaar in de Model Explorer dan in standaard AutoCAD: men kan steeds teruggrijpen naar de onderliggende basisvolumes waarmee gestart werd, ook nadat het geheel versmolten werd tot één geheel, om in alle onderdelen te kunnen wijzigen. De 3D volumes, eventueel gebaseerd op vrije 2D vormen, blijven heel nauwkeurig te manipuleren, tot en met 3D-stretchen in alle richtingen.

figuur: de Model Explorer in ADT 2
Dankzij de nieuwe visualisatietechnieken van AutoCAD 2000, die o.a. het werken in geshade modellen toelaat en met de handige 3D Orbit presentatie, krijgt de ontwerper een uitstekend inzicht in het opgemaakte model. Via het samenstellen van het volumeontwerp in diverse gebouwonderdelen kan in deze fase al heel wat afgeleid worden uit het ontwerp, zoals oppervlaktes en volume-verhoudingen.
Fase 2: Intelligent gebouwmodel
Bij het verder uitwerken van het gebouw kan de gebruiker intelligente bouwobjecten combineren in de door hem gekozen ruimte, waarbij het ontwerp gelijktijdig in 2D en 3D uitgewerkt wordt. Deze AEC-objecten reageren intelligent als ze gecombineerd worden met elkaar. Als bijvoorbeeld een deur of een raam in een muur geplaatst wordt, dan zorgt het object muur er zelf voor dat een aangepaste opening in de muur komt. Als men de deur verplaatst, dan schuift deze opening mee, en wordt de muur verplaatst, dan weet het raam of de deur dat het moet volgen.
Deze AEC-objecten kunnen vooraf via Templates in diverse stijlen voorbereid worden. Tijdens het gebruik kunnen deze stijlen naar wens nog bijgewerkt worden, en men kan steeds van deze voorbereide standaarden afwijken waar nodig. Door heel eenvoudig met de rechtermuistoets op zo'n object aan te tikken, kan men via goed georganiseerde en sterk visueel uitgewerkte dialoogboxen globaal of individueel het voorkomen van zo'n object aanpassen.
Voor de meeste basiselementen van het gebouw hoeft de ontwerper enkel de in verschillende stijlen voorbereide objecten zoals muren, ramen, deuren en trappen te schikken in de ruimte, terwijl alle aansluitingen automatisch opgelost worden. Doordat deze objecten elkaar herkennen, zijn vele traditionele CAD-handelingen overbodig geworden en komt men veel sneller tot een uitgewerkt ontwerp.

figuur: het intelligent gebouwmodel
Fase 3: Praktische uitwerking ontwerp
Bij het aanmaken van de werktekeningen zorgen diverse voorinstellingen in het intelligent gebouwmodel ervoor dat automatisch de gewenste layers met de juiste informatie voorgesteld worden in de noodzakelijke 2D-tekeningen.

figuur: opmaken van deur-stijlen
Een belangrijk nieuw concept bij deze Architectural Desktop bestaat erin dat de AEC-objecten een aangepast voorkomen of display-representatie krijgen al naar gelang het zicht van waaruit ze bekeken worden. In een vrij 3D-zicht zal een muur met deur en raam erin als een goed gepresenteerd 3D model weergegeven worden, terwijl dezelfde combinatie in een frontaal zicht, of in een planzicht een aangepaste grafische voorstelling krijgt. Via deze Display Configuraties kunnen de intelligente AEC-objecten automatisch op de gewenste layer, met de gewenste kleur, lijntype en andere grafische aspecten voorgesteld worden. Deze grafische voorstelling kan in detail door de gebruiker zelf opgemaakt worden, en kan afhankelijk van de Display Configuratie meer of min gedetailleerd zijn, volgens de gewenste schaalpresentatie.
De geïntegreerde techniek van "Styles" voor de muren, deuren, ramen, trappen e.d., laat toe globaal in het project de samenstelling of het voorkomen van deze objecten ineens te laten wijzigen, en de gebruiker kan steeds iedere element individueel aanpassen indien nodig. Merk op dat deze Stijl-techniek sterk vergelijkbaar is met de Stijlen die wij overvloedig in onze bestekken en meetstaten met Word en Excel gebruiken !

figuur: samenstelling van een Spouwmuur-Stijl
Uitwisseling van gegevens
De bouwindustrie is qua standaardisering van gegevensformaten helemaal niet gevorderd zoals in andere sectoren (bijv. mechanica) het geval is. Standaarden voor de uitwisseling van productgegevens, zoals in sommige industrietakken gebaseerd op STEP (Standard Exchange of Product Model data) is in de bouw nog ver te zoeken, o.a. wegens de steeds wisselende samenwerkingsverbanden tussen allerlei partijen en sterk gelokaliseerde gebruiken.
Toch houdt Autodesk een degelijke informatieuitwisseling tussen de diverse bouwsectoren in gedachten bij de uitwerking van deze Architectural Desktop. Een aantal jaren geleden is daarom de IAI of International Allicance of Interoperability opgericht, met Autodesk als één van de stichtende leden. Inmiddels is door deze IAI een uniforme beschrijving gemaakt van bouwkundige objecten, ook wel de Industry Foundation Classes (of IFC) genoemd. Uiteraard heeft Autodesk ervoor gezorgd dat deze IFC-standaard binnen de Architectural Desktop geïmplementeerd is, zodat deze intelligente objecten tussen diverse CAD-systemen toch uitwisselbaar worden.
Via een vrij beschikbare Object DBX-module (Object Enabler) kunnen ook gebruikers met standaard AutoCAD 14 of 2000 deze intelligente architectuurobjecten juist inlezen én nog manipuleren, zodat ADT-gebruikers erop mogen vertrouwen dat hun tekeningen door hun bouwpartners integraal verder in te zetten zijn. Ook voor Volo View en 3D Studio VIZ zijn tools voorzien voor de overdracht van alle informatie. Bij het inlezen van deze intelligente architectuurobjecten in AutoCAD LT 2000 blijft echter enkel de grafische voorstelling als gewone lijntekening over.
Aangepaste C3A-Extensies
Vanaf oktober worden ook de C3A-Extensies voor AutoCAD een nivo hoger getild, doordat als platform deze nieuwe Architectural Desktop zal kunnen gebruikt worden. Via allerlei voorinstellingen (denk maar aan layer-afspraken, voorbereide templates met muur-, raam- en deur-stijlen conform de bouwmethodes en grafische voorstellingen die in Vlaanderen gebruikt worden, ...) wordt ervoor gezorgd dat deze software direct praktisch te gebruiken valt.
Tot nu toe waren de C3A-Extensies bovenop standaard AutoCAD ook voorzien van een aantal routines om bouwelementen zoals muren, ramen, deuren, trappen e.d. eenvoudig te tekenen, maar met de komst van de Architectural Desktop zullen vele van deze C3A-bouwcommando's vervangen worden door de typische, intelligente Architectuur-Objecten van deze Architectural Desktop versie 2.
In oktober worden een reeks C3A-workshops voorzien, waarbij deze Architectural Desktop met aangepaste C3A-Extensies voor het eerst aan de ruime groep C3A-Userclubleden voorgesteld wordt. Dankzij de C3A-Extensies en de gebruikelijke ondersteuning via de C3A-workshops en cursussen mogen we verwachten dat deze Architectural Desktop aldus een snelle start zal krijgen in België.

figuur: Layer-besturingen in ADT 2 conform de C3A-Extensies
In de marge
AutoCAD Architectural Desktop is eigenlijk al aan zijn tweede versie toe. De eerste versie, bedoeld bovenop AutoCAD 14, is eigenlijk enkel in Amerika, Engeland en het Midden-Oosten op de markt geweest. ADT 2 bovenop AutoCAD 2000 heeft ondertussen alle troeven in handen om de bouwwereld te veroveren !
In ADT 2 kan naar wens zowel in 2D als in 3D gewerkt worden, of in combinatie. De relatie tussen 2D en 3D blijft gehandhaafd zolang men dit wil. De vraag is eigenlijk niet: "Werken we in 2D of in 3D ?" maar eerder: "Bouwen we een intelligent gebouwmodel of tekenen we eenvoudig 2D plannen ?"
Architecten Atelier Maes & Debusschere uit Oostende is als eerste architectenburo in de Benelux reeds in de praktijk deze Architectural Desktop aan het uittesten. Zij zijn ondertussen ADT bèta-testsite voor Autodesk en C3A geworden. De ervaringen die CAD-Operator Frans Debruyne in dit architectenburo en in nauwe samenwerking met CAAA vzw in de praktijk opdoet vormen een solide basis bij het uitwerken van de voorbereide templates, stijlen en allerlei voorinstellingen, die uiteindelijk onder de vorm van C3A-Extensies zullen verspreid worden.
|
|