C3A MapGuide project
Internet blijkt een fantastisch medium te vormen om de band tussen de C3A-Userclubleden te optimaliseren, en ondertussen de kontakten met allerlei andere partijen verder uit te bouwen. Het C3A-MapGuide project, waarmee we o.a. een virtuele architectuurtentoonstelling op het Internet aan het opzetten zijn, zal niet enkel ervoor zorgen dat de C3A-Userclubleden elkaar beter leren kennen. De C3A-Userclubleden OnLine zullen hun projecten kunnen inplanten op de kaart van België, en iedereen op zoek naar architectuur in Vlaanderen zal geografisch deze projecten kunnen lokaliseren.
Virtuele Architectuurtentoonstelling
De mogelijkheden van informatica groeien sneller dan exponentieel. Zaken waar we twee jaar geleden nog maar alleen konden van dromen, zijn vandaag realiteit. Zo is bij CAAA het idee gegroeid om naast de referentielijst met hyperlinks naar de verschillende homepages van de C3A-Userclubleden, ook een grafisch overzicht te presenteren, waar alle C3A-Userclubleden op de kaart van België te vinden zijn, samen met hun architectuurprojecten. Het resultaat wordt een Virtuele Architectuurtentoonstelling waarbij het publiek de mogelijkheid krijgt om een virtuele wandeling uit te stippelen langs Vlaamse wegen.
In enkele ogenblikken kan de informatie omtrent deze projecten in gestructureerde vorm worden opgevraagd. Ook kan er een kaart worden afgedrukt waarop de verschillende plaatsen van de projecten nauwkeurig worden aangeduid. Zo kan de website bezoeker in zijn auto springen en zijn virtuele wandeling in de realiteit overdoen. Wie meer informatie wenst over het werk van een bepaalde architect of bureau kan door een eenvoudige druk op de knop naar de homepage springen van het betreffende bureau.
GIS op het internet
Eén en ander is echter niet zo eenvoudig als het lijkt. Om gegevens nauwkeurig in kaart te brengen gaan we gewoonlijk gebruik maken van een CAD systeem zoals AutoCAD. Verder moeten we over een voldoende nauwkeurige ondergrond beschikken om naar de gegevens te kunnen refereren. Om dit in de praktijk te kunnen realiseren dienen we te beschikken over een goede basiskaart.
Er zijn verschillende van die basiskaarten te verkrijgen op de markt. Ze zijn echter ontzettend duur en worden op dit ogenblik voornamelijk gebruikt door de overheid en de verschillende nutsbedrijven. Verder moeten deze data dan ook nog kunnen ter beschikking worden gesteld via het internet. Wanneer we bijvoorbeeld een AutoCAD tekening van een paar honderd Kilobytes willen ter beschikking stellen, kunnen we dit bestand ophalen via ftp, of een afgeleid bestand onder DWF vorm gebruiken om via de Whip driver te bekijken. Hierdoor kunnen we deze AutoCAD tekening op een vrij snelle manier bekijken, inzoomen op bepaalde onderdelen, en er een afdruk van maken.
Het gaat snel omdat de hoeveelheid gegevens die we moeten transfereren beperkt zijn. In geval van een GIS basiskaart die heel Vlaanderen of België beslaat, spreken we over een hoeveelheid gegevens die in de honderden Mb loopt. We kunnen dus niet zomaar eenvoudig deze gegevens over het internet doorsturen. De truc die we zullen gebruiken om dit probleem te omzeilen, is de gegevens eerst in kleine stukjes hakken op de server, om dan vervolgens kleine (2Kb tot 100 Kb) stukjes van de kaart over het internet door te sturen.
Autodesk MapGuide
Om dit te realiseren maken we gebruik van Autodesk MapGuide versie 3. MapGuide is een pakket dat toelaat GIS-data over het internet ter beschikking te stellen. Om de data te kunnen consulteren is het noodzakelijk een plug-in te installeren in een Netscape of Internet Explorer Browser. Deze plug-in is gratis te downloaden van o.a. de Autodesk Website.
De grote kracht van het pakket vindt zijn oorsprong echter in de twee andere modules: de server en de author. Via de author wordt er bepaald welke gegevens ter beschikking zullen worden gesteld, aan wie en op welke schaal. In tegenstelling met andere internetoplossingen betreft het hier een volledige applicatie die zonder programmeerwerk toelaat om vrij intelligente kaarten samen te stellen. Hierdoor kunnen GIS datasets heel snel met elkaar worden gecombineerd en kunnen de gegevens op een flexibele manier worden ontsloten voor de gebruikers van de kaart. De versie 3 van deze software is in staat om zowel alfanumerieke data als spatial datasets te combineren met rasterbestanden. Ook is er nu een rechtstreekse ondersteuning van het microstation dgn formaat en Arc/Info coverages.
Wat de MapGuide technologie onderscheidt van andere pakketten is de mogelijkheid om heel wat van de processorcapaciteit naar de kant van de plug-in te brengen. Zo is er een standaard GIS functionaliteit voorzien met als doel het creëren van buffers en het meten van afstanden aan de cliënt zijde.
Vooraleer de gevraagde data ter beschikking te stellen aan de gebruiker, wordt in de author bepaald op welke manier een gebruiker kan navigeren naar een bepaalde zone, hoeveel gegevens er beschikbaar zijn op een bepaalde schaal en of de data eventueel beschermd zijn door een UserID en een paswoord. Eens de gegevens zijn overgezonden, worden deze lokaal zo georganiseerd dat ze kunnen worden herbruikt voor verdere ondervragingen. Belangrijk bij de productie van een intelligente kaart is de juiste mix te vinden tussen de over te sturen gegevens en de verwerkingstijd die lokaal dient te gebeuren. Hoe meer gegevens getransfereerd worden, hoe minder verwerking er nodig is, maar hoe meer tijd nodig is om door te sturen en omgekeerd.
Als derde component staat de server in voor het eigenlijke ondervragingswerk. Er wordt een grafische query gelanceerd vanuit de cliëntzijde. In de lokale map parameters zijn de adresgegevens opgeslagen waar de verschillende opgevraagde gegevens te vinden zijn op het net. Vervolgens krijgt de betreffende server een aanvraag binnen om een aantal grafische gegevens ter beschikking te stellen. Deze gegevens worden uit de verschillende spatiale datasets opgehaald, eventueel rekening houdend met een aantal bepalende attributen die in een geassocieerde alfanumerieke databank worden opgeslagen.
Het resultaat wordt doorgestuurd naar de cliënt waar op basis van de opgevraagde gegevens een intelligente kaart wordt samengesteld. Door enkel deze gegevens door te sturen die nodig zijn, blijft de gebruikte bandbreedte beperkt. Door ook een deel van de processing aan de cliënt zijde te laten gebeuren, wordt de server minder snel overbelast en kan zo meerdere gebruikers tegelijkertijd bedienen. De eerste testen naar bandbreedte toe zijn positief. Binnenkort zullen we ook de resultaten naar serverbelasting toe kunnen evalueren.
Een andere krachtige eigenschap van het systeem is dat er gegevens van verschillende servers met elkaar kunnen gecombineerd worden in één enkele kaart. Deze servers kunnen zich dan ook fysiek op heel andere plaatsen in de wereld bevinden. Een server per type databank lijkt dan ook een interessante mogelijkheid. Zo zijn we dan ook bij een volgend punt beland dat essentieel is voor het welslagen van onze projectententoonstelling : we dienen namelijk onze projecten te kunnen plaatsen op een basiskaart.
De basiskaarten
Vandaag zijn er in Vlaanderen een tweetal belangrijke bronnen voor een basiskaart. Het betreft Cardib en TeleAtlas. Cardib is verantwoordelijk voor de grootschalige basiskaart van Vlaanderen. Grootschalig betekent een kaart die kan gebruikt worden tussen 1/10.000 tot 1/500. De bedekking van Vlaanderen is momenteel zo'n 30%. Enkele belangrijke objecten die in de kaart worden voorgesteld betreffen de assen van de wegen, de huisnummers, de randen van de wegen, de randen van de waterlopen, voorgevels van woningen, scheidingswanden van woningen. Verder zijn er verschillende optionele objecten voorzien: verlichtingspalen, achtergevels, zichtbare perceelsgrenzen, kilometerpalen, waterslikkers, enz...
De kaart van TeleAtlas heeft wat België betreft een 100% bedekking, maar met een kleinere nauwkeurigheid en minder objecten. De schaal is eerder middenschalig en situeert zich tussen 1/100.000 en 1/10.000. Voor onze test kunnen we beschikken over de basiskaart van Oost-Vlaanderen wat Teleatlas betreft en de kaart van Merelbeke wat Cardib betreft. Bij wijze van experiment hebben we dan ook de assen van de wegen van beide systemen over elkaar gelegd tussen 1/10.000 en 1/15.000.
Hierdoor is een visuele vergelijking van de nauwkeurigheid tussen beide gegevens bronnen gemakkelijk te realiseren. Al snel valt het op dat in het Cardib systeem ook verschillende niet verharde privé-wegen worden opgenomen die niet worden weergegeven in het Teleatlas systeem. Verder zijn er hier en daar verschillen te merken (orde van grootte : enkele meters), waardoor de Teleatlas straten soms door de huizen lopen die op de Cardib kaart worden voorgesteld. Toch vormt dit geen ernstig probleem wanneer we het ene systeem in het andere laten overvloeien op een continue manier.
De applicatie
De basiskaart wordt op dit ogenblik voornamelijk gebruikt door nutsbedrijven en openbare instellingen op enkele uitzonderingen na zoals Car navigation systemen en autoroute programma's. De reden hiervoor is duidelijk: de waarde van de kaart zit voornamelijk in de tijd nodig om deze kaart op te stellen en te blijven actualiseren. Het grote risico die deze data lopen om (gratis) verspreid te worden doordat ze even gemakkelijk gekopieerd kunnen worden als een stuk software, zou deze data in waarde doen dalen. Door middel van de technologie die we gebruiken om de data over het internet te verspreiden, kunnen we deze gevaren technisch beperken en er toch voor zorgen dat deze gegevens beschikbaar kunnen zijn voor verschillende toepassingen. We willen aan de hand van een aantal testen dan ook de haalbaarheid aantonen van dergelijke initiatieven.
In een eerste test willen we nagaan hoe we op een gemakkelijke manier kaartmateriaal ter beschikking kunnen stellen, wat de mogelijkheden zijn om snel en efficiënt door deze kaart te navigeren, en hoe we gegevens kunnen toevoegen aan deze kaart. Om dit te realiseren hebben we onze virtuele architectententoonstelling bedacht. De C3A-Userclubleden zullen de gelegenheid krijgen om zichzelf en hun projecten op de kaart aan te duiden. Hiervoor zal iedereen die wil meedoen een eigen UserID en paswoord ontvangen. Indien iemand wil deelnemen, moet hij zich eerst laten registreren via een invulscherm. Vervolgens wordt hem gevraagd om de juiste coördinaat aan te duiden waar zijn bureau zich bevindt.
Hierdoor wordt de straat en gemeente-informatie opgeslagen. Deze gegevens worden verder aangevuld met een afbeelding van de persoon of het bedrijf, enkele regels commentaar, het soort bedrijf en eventueel de verwijzing naar het betreffende homepage op het internet. Vervolgens kan elk bureau zijn projecten aanbrengen op de kaart. Dit gebeurt op een gelijkaardige manier, door eerst de plaats te bepalen waar het project zich bevindt en er vervolgens een foto of figuur en een paar lijntjes commentaar aan toe te voegen.
Elk bureau dat zichzelf voorstelt zal op de kaart van Vlaanderen worden gevisualiseerd d.m.v. een pin. Door dubbelklikken op de pin wordt de informatie in een pop-up window gevisualiseerd. Via een 'next-previous'-button kunnen de verschillende projecten snel worden doorgenomen. Door te klikken op de foto wordt de exacte plaats op de kaart aangeduid. Verder kan de bezoeker via selectie d.m.v. een cirkel met een bepaalde radius of d.m.v. een polygoon, een aantal projecten selecteren welke hij dan één voor één online kan bekijken. Naast het bekijken op internet kan er eveneens een rapport worden gegenereerd van de verschillende projecten, samen met een kaart waarop deze zich bevinden, om zo de verschillende resultaten ook nog eens in werkelijkheid te kunnen checken.
Meer omtrent dit project verneemt u zeker in latere uitgaven ...
|
|